Kruimels en dansjes
Mijn oudste zit aan tafel, met een kring kruimels om haar heen. Nadat ze een grote hap van haar ontbijt in haar mond heeft gestopt, smeert ze een dikke laag Nutella op een boterham voor in haar trommel. De muziek staat aan en soms staat ze even op voor een klein, vluchtig dansje.
Mijn jongste is al helemaal klaar en elke ochtend opnieuw krijg ik een uitgebreid verhaal over hoe ze haar taken heeft uitgevoerd en wat haar plannen zijn voor de dag, maar niet voor ik een dikke knuffel heb gekregen.
Ik sta doordeweeks om 07.00 uur op (partner lief is dan al vertrokken), spring onder de douche en als ik een half uur later beneden kom is er al volop bedrijvigheid in onze woonkeuken.
Ik zet een kop koffie, maak mijn eten voor op mijn werk, ruim de zooi op die de kids hebben gemaakt. Soms leeg ik ook nog snel even de vaatwasser.
Rennen en regelen
Dan spoor ik mijn oudste dochter aan om te stoppen met dansen: het is nu toch echt tijd om haar tanden te poetsen. ‘En oh ja, vergeet ook niet je haren te kammen!’ roep ik haar na. Vervolgens zet ik mijn kinderen op de fiets en stap zelf in de auto om naar mijn werk te gaan.
Wie kookt er vanavond?
Rond half zes ’s avonds bel ik mijn vriend vanuit de auto naar huis. Zijn eerste vraag: ‘Hebben we iets in huis om te koken?’ Mijn eerste vraag: ‘Hoever ben jij?’, in de hoop dat hij eerder thuis is en alvast begint.
Samen in het grote bed
Als de kinderen terug zijn van hun hobby’s, tanden hebben gepoetst en hun pyjama’s aan hebben, kruipen we samen in het grote bed. Mijn jongste zorgt dat het boek van Harry Potter op de juiste pagina opengeslagen ligt. Met haar hoofd op mijn schouder en mijn been tegen mijn oudste aan, lees ik een paar bladzijden voor. Daarna leg ik ze warm en ontspannen in hun eigen bed, om vervolgens snel om te kleden en naar pilates te racen.
Tijd stelen voor mezelf
Op mijn vrije vrijdag sport ik een uurtje en zet daarna mijn koptelefoon op. Ik luister een podcast over schrijven, zoals Schrijfpraat de Podcast, terwijl ik mijn huis poets. Daarna fiets ik naar het dorp voor een boodschap en breng nog even een pakketje weg. Vervolgens wacht ik af hoeveel kinderen ik die middag over de vloer krijg of, als ik geluk heb, misschien helemaal niemand.
Zondagochtend is mijn go-to moment. Net als nu is er rust in huis, slapen mijn kinderen wat langer uit en zit mijn vriend op zijn wielrenfiets. Alle tijd voor mij om te schrijven.
De andere momenten in de week zoek ik naar gaatjes. Een half uurtje in de bieb terwijl mijn dochter aan het dansen is. Of dat momentje na het eten, wanneer de kinderen nog even buitenspelen en ik mezelf kan weerhouden van een klusje in huis (of die stomme telefoon die mijn aandacht trekt als ik vastloop in een blog).
Schrijven tussen de regels van het leven
Een tijd stond ik om 06.00 op voor een uurtje schrijven in alle vroegte. Ik hoor het zachte gesnurk van mijn dochter als ik in mijn badjas de trap af sluip. Mijn meiden liggen nog lekker op één oor. Mijn partner loopt stil door het huis en laat me lekker mijn gang gaan. Ik krijg een kus op mijn haar als hij vertrekt.
Schrijver zijn betekent voor mij geduld hebben. De ochtend is mijn fijnste moment. Nu nog wat vaker mijn benen over de rand van het bed gooien, als mijn wekker om 06.00 uur gaat. Mijn warme bed verlaten, de kou in, naar mijn moment van stilte.







